Begraafplaatsen in Genappe
Tips voor het vinden van een begraafplaats
- Bezoek meerdere begraafplaatsen om sfeer en omgeving te vergelijken
- Let op openingstijden - de meeste begraafplaatsen zijn overdag geopend
- Vraag naar mogelijkheden voor natuurbegraven als duurzaamheid belangrijk is
- Informeer bij de beheerder over grafrechten en onderhoudskosten
Soorten begraafplaatsen
Algemene begraafplaats
Openbaar toegankelijk voor alle gezindten. Vaak gemeentelijk beheerd met diverse grafvormen.
Natuurbegraafplaats
Ecologisch begraven in natuurlijke omgeving. Afbreekbare materialen en minimale grafsteen.
Bijzondere begraafplaats
Religieuze of historische begraafplaatsen met specifieke tradities en rituelen.
Alle 13 begraafplaatsen
Cimetière de Baisy-Thy
Het Cimetière de Baisy-Thy is de gemeentelijke begraafplaats van het dorp Baisy-Thy, gelegen op de zuidwestelijke rand van dit historisch dorp in de fusiegemeente Genappe, provincie Waals-Brabant. De begraafplaats ligt langs de Rue Bois Saint-Jean en is 24 uur per dag toegankelijk. Baisy-Thy is een dorp met een rijke geschiedenis die teruggaat tot het jaar 1000. De naam is ontstaan uit de samenvoeging van twee vroegere gehuchten — Baisy en Thy — die op 3 september 1810 door een keizerlijk besluit van Napoleon werden samengevoegd tot één gemeente. Vóór die fusie hadden beide gehuchten elk hun eigen kerkelijke en burgerlijke identiteit. De eerste vermelding van de heerlijkheid Baisy dateert van omstreeks het jaar 1000, toen het een domein was van de dochter van de hertog van Lotharingen, gravin Ide van Boulogne. De meest beroemde historische link van Baisy-Thy is de geboorte van Godfried van Bouillon in 1061. Godfried, zoon van gravin Ide, groeide op in de streek rond Baisy en werd later hertog van Neder-Lotharingen en leider van de Eerste Kruistocht. In 1099 leidde hij de inname van Jeruzalem en werd hij de eerste Advocaat van het Heilig Graf. Aan zijn nagedachtenis is in het dorp een straat vernoemd: de Rue Godefroid de Bouillon. Een geregistreerd erfgoedmonument op nummer 28 van die straat getuigt nog van de vroegere adellijke aanwezigheid. Historisch centrum van het dorp is het Château de Thy, een kasteeltje in klassieke stijl. De huidige constructie werd in 1769 gebouwd door metselaar P. Léonard. Het kasteel heeft een L-vormige plattegrond en domineert visueel het dorpscentrum. Samen met een oude molen en enkele imposante herenhuizen maakt dit château het dorp tot een aangename wandelbestemming. De begraafplaats van Baisy-Thy draagt ook de sporen van de Tweede Wereldoorlog. Op het kerkhof bevinden zich de graven van drie Gemenebest-vliegers die sneuvelden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Deze graven worden onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission (CWGC) en zijn geregistreerd als Baisy-Thy Communal Cemetery. De aanwezigheid van deze oorlogsgraven geeft de begraafplaats een bijzondere internationale betekenis. Een historisch hoogtepunt voor het dorp Baisy-Thy is de Slag bij Quatre-Bras op 16 juni 1815. De kruising Les Quatre Bras, gelegen op het grondgebied van Baisy-Thy, was het toneel van een hevige confrontatie tussen de Franse troepen onder maarschalk Ney en het geallieerde leger van hertog Wellington. Deze slag, twee dagen vóór de Slag bij Waterloo, was een strategisch sleutelmoment in de Honderd Dagen-campagne van Napoleon. Het kruispunt, op 34 kilometer van Brussel en 18 kilometer van Waterloo, was van cruciale militaire betekenis: hier kruisten de weg Namen-Nijvel en de weg Charleroi-Brussel elkaar. De slag eindigde bij zonsondergang en kan worden beschouwd als een tactisch gelijkspel, al verliet Ney het slagveld en bleef Wellington meester van het terrein. Vandaag is de begraafplaats van Baisy-Thy een rustig gemeentelijk kerkhof waar inwoners begraven worden. De begraafplaats is toegankelijk voor rolstoelgebruikers en beschikt over een toegankelijke parking. Het kerkhof is een stille getuige van eeuwen geschiedenis, van Godfried van Bouillon tot de slagvelden van Napoleon.
Cimetière de bousval
Het Cimetière de Bousval (ook wel Cimetière de bousval) is een gemeentelijke begraafplaats in het dorp Bousval, een deelgemeente van de fusiegemeente Genappe in de provincie Waals-Brabant. Dit kerkhof ligt vrijwel op dezelfde locatie als de hoofdbegraafplaats van Bousval op de Rue Haute — de GPS-coördinaten zijn vrijwel identiek — en is vermoedelijk een tweede registratie van dezelfde of een aangrenzende begraafplaats in het dorp. Bousval is een dorp met diepgewortelde historische tradities in het Brabantse land. De vroegste vermelding van het dorp gaat terug naar de 9e eeuw, toen het onder de naam Bosonis Vallis (dal van Boson) deel uitmaakte van de domeinen van de Abdij van Lobbes. De Latijnse naam verwijst naar een dal, wat de ligging van het dorp in een landschappelijk aantrekkelijk gebied weerspiegelt. Archeologisch gezien is Bousval bijzonder interessant. Op de hoogten van La Motte en in de omgeving van de kapel van Try-au-Chêne zijn geslepen en bewerkte stenen gevonden, wat wijst op prehistorische bewoning. In het nabijgelegen bos Goffaux werden in de 19e eeuw aarden grafheuvels (tumuli) ontdekt en opgegraven. Deze tumuli dateren van de 1e eeuw voor Christus tot het midden van de 3e eeuw na Christus, wat de omgeving van Bousval tot een rijke archeologische zone maakt. De dorpskerk van Bousval is gewijd aan Sint-Bartholomeus. De Tour Saint-Barthélémy is een nog levende religieuze volksoverlevering: elk jaar op de laatste zondag van augustus rijdt een 17e-eeuwse kar, getrokken door twee Brabantse trekpaarden met het beeld van de heilige patroon, door het dorp. Deze processie trekt jaarlijks honderden bezoekers en is een levendig bewijs van de religieuze volkscultuur van het dorp. Het dorp Bousval ligt op de N237, de verbindingsweg tussen Waver en Nijvel, ten oosten van Nijvel. Vóór de gemeentefusie van 1977 was Bousval een zelfstandige gemeente. Na de fusie werd het een deelgemeente van Genappe. Het dorp behoudt zijn landelijk karakter met hoeves, landwegen en groene Brabantse velden. De begraafplaats is verbonden met de parochiekerk en vormt een centraal element in het sociale en religieuze leven van de gemeenschap. Inwoners van Bousval en hun familieleden vinden hier hun laatste rustplaats in een rustige, landelijke omgeving. Genappe als geheel telt maar liefst 17 beschermde monumenten en heeft een nauw verband met de historische gebeurtenissen van juni 1815, de campagne die culmineerde in de Slag bij Waterloo.
Cimetière de Bousval
Het Cimetière de Bousval is de hoofdgemeentelijke begraafplaats van het dorp Bousval, een deelgemeente van de fusiegemeente Genappe in de provincie Waals-Brabant. Het kerkhof is gelegen aan de Rue Haute (postcode 1470) en is 24 uur per dag toegankelijk. De begraafplaats is bereikbaar via een toegankelijke parking en staat onder het beheer van de gemeente Genappe. Bousval is een oud dorp met wortels in de vroege Middeleeuwen. De eerste historische vermelding dateert van de 9e eeuw, toen het dorp onder de naam Bosonis Vallis (het dal van Boson) deel uitmaakte van de domeinen van de Abdij van Lobbes. Deze abdij, gesticht in de 7e eeuw, was een van de machtigste kerkelijke instellingen in het toenmalige Frankenland en bezat uitgestrekte gronden in de huidige Brabantse en Henegouwse regio. De Latijnse naam Bosonis Vallis verwijst naar de valleiachtige ligging van het dorp, dat zich nestelt in een van de vele groene dalen van het Brabantse Haspengouland. Archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat de omgeving van Bousval al lang bewoond was voor de Middeleeuwen. Op de hoogten van La Motte en nabij de kapel van Try-au-Chêne werden geslepen en bewerkte stenen gevonden die wijzen op prehistorische bewoning. In het nabijgelegen bos Goffaux werden bij opgravingen in de 19e eeuw Gallo-Romeinse grafheuvels ontdekt — aarden tumuli die dateren van de 1e eeuw voor Christus tot het midden van de 3e eeuw na Christus. Dit maakt de omgeving van Bousval tot een aantoonbaar rijke archeologische zone, met bewoning die meerdere millennia teruggaat. De begraafplaats van Bousval is nauw verbonden met de parochiekerk van het dorp, die gewijd is aan Sint-Bartholomeus. De kerk vormt het religieuze hart van de gemeenschap en de begraafplaats is van oudsher de plek waar parochianen begraven werden na de viering van hun begrafenismis. De relatie tussen kerk en begraafplaats is in Bousval nog tastbaar aanwezig in de ruimtelijke organisatie van het dorpscentrum. Een van de meest opvallende tradities van Bousval is de jaarlijkse Tour Saint-Barthélémy, een processie die plaatsvindt op de laatste zondag van augustus, de dag van het dorpsfeest. Een 17e-eeuwse processiekar, getrokken door twee Brabantse trekpaarden, vervoert het beeld van de heilige patroon door de straten van het dorp. Deze levende volkstraditie trekt elk jaar honderden bezoekers en toont de hechte band van de bevolking met hun religieuze erfenis. Het dorp Bousval ligt langs de N237, de verbindingsweg tussen Waver en Nijvel, ten oosten van Nijvel. Vóór de grote gemeentefusie van 1977 was Bousval een autonome gemeente. Na de fusie werd het één van de negen deelgemeenten van de nieuwe fusiegemeente Genappe. Het dorp behoudt zijn landelijke karakter: hoeves, landwegen, boomgaarden en weilanden domineren het landschap. De begraafplaats aan de Rue Haute is een rustig kerkhof waar inwoners van Bousval en hun familieleden begraven worden. Het kerkhof is een plek van herinnering en verbinding voor de lokale gemeenschap, omringd door de stille schoonheid van het Brabantse platteland. Genappe als geheel telt 17 beschermde monumenten en is nauw verbonden met de historische campagne van 1815, waarbij de nabijgelegen kruising Les Quatre Bras het toneel was van een decisieve slag op 16 juni 1815, twee dagen vóór de beroemde Slag bij Waterloo.
Cimetière de Genappe
Het Cimetière de Genappe is de stedelijke hoofdbegraafplaats van de stad Genappe, hoofdkern van de gelijknamige fusiegemeente in de provincie Waals-Brabant. Het kerkhof is gelegen aan de Allée le Cavalier (postcode 1474) en vormt de centrale begraafplaats van de gemeente. Genappe is een historische stad met een middeleeuws charter en een onmiskenbare band met de befaamde slag van juni 1815. De stad Genappe heeft oude historische wortels. Het eerste stadsrecht dateert vermoedelijk van 1211, in de 13e en 14e eeuw groeide de stad gestaag. Een nieuw charter uit 1302, verleend door de hertog van Brabant, gaf de burgers van Genappe aanzienlijke rechten: vrijstelling van bepaalde belastingen, rechtswaarborgen en bestuurlijke autonomie. In die periode bestonden er al een stadhuis, een openbare weegschaal en een wasplaats. De aanwezigheid van Lombardische geldschieters getuigt van de economische activiteit in de stad. Genappe ligt op de rechteroever van de Dyle en vormt het historische centrum van een vruchtbare agrarische regio in Brabant. De stad heeft een rijke burgerlijke architectuur, met Art-decogevelstenen en industrieel erfgoed als zichtbare restanten van haar florerende 19e- en vroeg-20e-eeuwse periode. Genappe telt maar liefst 17 beschermde monumenten, wat de stad tot een van de rijkste gemeenten van Waals-Brabant maakt op vlak van beschermd cultureel erfgoed. Het meest dramatische historische moment voor Genappe was de campagne van juni 1815. Op 16 juni 1815 vond de Slag bij Quatre-Bras plaats, op het grondgebied van Baisy-Thy, slechts enkele kilometers van Genappe. Maarschalk Ney leidde de Franse troepen tegen het geallieerde leger van Wellington in een slag die cruciaal was als voorbereiding op de definitieve confrontatie bij Waterloo. Op 17 juni trokken de geallieerde troepen door Genappe terug richting Waterloo, gevolgd door de oprukkende Fransen. In de straten van Genappe vonden hevige achterhoedegevechten plaats. De herberg Au Roi d'Espagne aan de huidige Place de l'Empereur in Genappe speelde een bijzondere rol in die historische dagen. Op 16 juni verbleef Wellington zelf in dit etablissement. Op 17 juni sliepen prins Jérôme Bonaparte en generaal Reille er. Op 18 juni vestigde maarschalk Blücher er zijn hoofdkwartier. En in de nacht van 19 op 20 juni stierf de Franse generaal Guillaume-Philibert Duhesme, commandant van de Jonge Garde van Napoleon, er aan zijn verwondingen opgelopen bij de Slag van Plancenoit. Zijn naam leeft voort in het lokale historische geheugen. Na de totale nederlaag bij Waterloo op de avond van 18 juni vluchtte Napoleon met resten van zijn leger door Genappe. In het dorp werd zijn persoonlijke koets — met daarin zijn keizerlijke onderscheidingen, kaarten en persoonlijke bezittingen — door een Pruisisch detachement buitgemaakt. Deze koets belandde uiteindelijk in de collectie van Wellington en later in diverse museumcollecties. De begraafplaats van Genappe is vandaag een actief kerkhof voor inwoners van de stad en de ruimere gemeente. Toegankelijk voor rolstoelgebruikers en centraal gelegen, vormt het kerkhof een rustplek die de rijke en bewogen geschiedenis van deze Brabantse stad weerspiegelt. De Maison de l'Histoire et du Patrimoine van Genappe bewaart de collectieve herinnering aan al deze historische gebeurtenissen.
Cimetière de Houtain-le-Val
Het Cimetière de Houtain-le-Val is de gemeentelijke begraafplaats van het dorp Houtain-le-Val, een van de deelgemeenten van de fusiegemeente Genappe in de provincie Waals-Brabant. Het kerkhof is gelegen langs een naamloze weg (Chemin Sans Nom) in Houtain-le-Val (postcode 1476). Het dorp telt circa 954 inwoners en is gebouwd rondom een van de opvallendste kasteeldomeinen van de regio. Houtain-le-Val heeft een aantoonbaar oude geschiedenis. De eerste heer van Houtain was Walter de Holton, die het kasteel in 1129 stichtte. Dit kasteel, gelegen op een heuvelrug in het dorp, was het centrum van een adellijk domein dat eeuwenlang door verschillende adellijke families werd beheerd. De naam van het dorp verwijst naar het Latijnse Altus (hoog), wat de ligging van het dorp op de hoger gelegen gronden van het Brabantse plateau weerspiegelt. Het huidige Château d'Houtain-le-Val is een indrukwekkend gebouw waarvan de bouw begon in 1912. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog werd de bouw onderbroken en pas in 1918 hervat. Het kasteel werd voltooid in 1920 en bleef bewoond door baron Théodore de Crawhez tot zijn overlijden in de late jaren 1980. Het kasteel met zijn omliggende park is nog steeds aanwezig in het dorpslandschap en bepaalt in sterke mate het karakter van Houtain-le-Val. Wandelaars van de populaire Alltrails-route rondom het kasteel kunnen het domein van dichtbij bewonderen. In en rondom de begraafplaats van Houtain-le-Val bevinden zich getuigenissen van de Eerste en Tweede Wereldoorlog. In 1920 werd een herdenkingsmonument ingehuldigd vóór de kerk, met de namen van de gevallenen van de Eerste Wereldoorlog. In 1921 werd op de begraafplaats zelf een monument opgericht ter nagedachtenis van twee lokale helden: Henri Lalonde en Maurice Duchemin, wier as op het kerkhof rust. Later werden zij vergezeld door Robert Detournay, die sneuvelde tijdens de Tweede Wereldoorlog (1940-1945). Op 6 september 1944 kwamen Engelse bevrijdingstroepen aan in Houtain-le-Val, wat een einde maakte aan de bezetting. De omgeving van Houtain-le-Val is typisch Brabants: een opengerold landschap van akkers, weilanden en bossen, doorkruist door holle wegen en voetwegen. Het dorp ligt op de hoger gelegen gronden van het stroomgebied van de Dyle en biedt mooie uitzichten over het omliggende platteland. De stilte en rust van het kerkhof weerspiegelen de ingetogen, landelijke sfeer van dit Brabantse dorp. De begraafplaats van Houtain-le-Val is de rustplaats voor inwoners van het dorp en hun familieleden. Het kerkhof is historisch verbonden met de dorpskerk en vormt een centraal element in de gemeenschap. De monumenten op het kerkhof voor de gevallenen van beide wereldoorlogen geven de begraafplaats een bijzondere gedachteniswaarde. Houtain-le-Val maakt deel uit van de gemeente Genappe, die als geheel nauw verbonden is met de historische veldslagen van juni 1815 en het Waterloo-erfgoed van de regio.
Cimetière de Loupoigne
Het Cimetière de Loupoigne is de gemeentelijke begraafplaats van het dorp Loupoigne, een deelgemeente van de fusiegemeente Genappe in de provincie Waals-Brabant. Het kerkhof ligt nabij de Place Charles Morimont, de dorpsplaats met de parochiekerk, aangrenzend aan de Ferme de la Basse-Cour — de voormalige hoeve die de plaats van het oude kasteeldomein van de heren van Loupoigne inneemt. De uitgedroogde slotgracht van dit oude kasteel is op de begraafplaats nog gedeeltelijk zichtbaar. Loupoigne is een van de oudste parochies in de regio. De eerste schriftelijke vermelding van een parochie in Loupoigne dateert van het jaar 959, wat het dorp tot een van de oudst gedocumenteerde kerkgemeenschappen in het Brabantse land maakt. Nog vroeger, vóór het jaar 966, beschikte het dorp al over een molen die werkte op de kracht van de Dyle. Deze vroege vermelding van molen en parochie wijst op een gestructureerde, levensvatbare gemeenschap al in de vroege Middeleeuwen. Along de oevers van de Dyle in Loupoigne zijn talrijke Gallo-Romeinse resten gevonden. Zo werd een oud klein Romeins bruggetje ontdekt, nu verdwenen, en een Romeinse munt van keizer Gallienus (253-268 na Christus). Deze archeologische vondsten bevestigen dat het gebied langs de Dyle al in de Romeinse periode intensief bewoond was. De parochiekerk van Loupoigne is gewijd aan Sint-Jan de Doper en is een robuust neoclassicistisch gebouw in baksteen en blauwe hardsteen, gebouwd in 1833 naar de plannen van architect Moreau. Het kerkgebouw heeft een bijzondere schat: orgels die in 1857 werden gebouwd door de gebroeders Louis en Florian Gheude uit Nijvel en wettelijk beschermd zijn als cultureel erfgoed. Het beeldbepalende monument van Loupoigne is echter de Chapelle Notre-Dame de Foy, gebouwd in 1638. Deze kapel is achthoekig van vorm, opgebouwd in rode bakstenen met witte hardsteen en bekroond met een bolvormige spits. De kapel is een pelgrimsoord en een beschermd monument, en een van de sierlijkste religieuze bouwwerken in het Brabantse land. De begraafplaats van Loupoigne is gelegen naast de kerk op de Place Charles Morimont. In de directe omgeving van het kerkhof is de Ferme de la Basse-Cour gelegen, die de plek inneemt van het vroegere kasteel van de heren van Loupoigne. De uitgedroogde slotgracht van dat kasteel is nog zichtbaar, wat de begraafplaats een historische gelaagdheid geeft die zeldzaam is voor een klein Brabants dorpskerkhof. Het dorp Loupoigne werd vóór de gemeentefusie van 1977 bestuurd als een zelfstandige gemeente. Na de fusie werd het een deelgemeente van Genappe. Het dorp behoudt zijn landelijke karakter met de Dyle als groene as, omringd door akkers, bossen en weiden. De nabijheid van Genappe en zijn rijke historische erfgoed — waaronder de Slag bij Quatre-Bras van 16 juni 1815 en de Slag bij Waterloo van 18 juni 1815 — plaatst Loupoigne in een regio met uitzonderlijke historische betekenis voor de Europese geschiedenis.
Cimetière de Vieux-Genappe
Het Cimetière de Vieux-Genappe is de gemeentelijke begraafplaats van het historische gehucht Vieux-Genappe (Oud-Genappe), gelegen in de fusiegemeente Genappe in de provincie Waals-Brabant. Het kerkhof is bereikbaar via de Chemin de Messe (postcode 1472) en vormt de rustplaats van inwoners van dit dorp dat eeuwigdurend verbonden is met de naam van Napoleon Bonaparte. Vieux-Genappe (Oud-Genappe) is een historisch gehucht dat zijn oorsprong vindt in de vroegste nederzettingen langs de Dyle. Het dorp was de oorspronkelijke kern waaruit later de stad Genappe groeide. De naam Vieux-Genappe (Oud-Genappe) verwijst naar het feit dat dit gehucht ouder is dan het stadscentrum van Genappe zelf. Het dorp heeft een eigen parochie, de Paroisse Saint-Géry, en een eigen kerkgebouw, de Église Saint-Géry. De Église Saint-Géry van Vieux-Genappe is een classicistisch kerkje dat in 1769 werd gebouwd op kosten van de Abdij van Affligem. Op de boog van de orgelgalerij staat het jaartal 1779 gekerfd, wat wijst op de voltooiing van de afwerking in die periode. De geplaveide kerkvloer, grotendeels opgebouwd uit oude grafstenen, vertelt de stille geschiedenis van de pastoors, burgemeesters en gewone parochianen die door de eeuwen heen in Vieux-Genappe werden begraven. Een van de oudste geregistreerde grafstenen op het kerkhof dateert van iemand geboren in 1714 en gestorven in 1761. De naam Vieux-Genappe is onlosmakelijk verbonden met de dramatische nacht van 17 op 18 juni 1815. Op 17 juni 1815, na de slag bij Quatre-Bras en tijdens de terugtocht van de geallieerden richting Waterloo, begeleidde generaal Bertrand, Napoleon's aide-de-camp, de keizerlijke stoet naar de Ferme du Caillou — een boerderij die in 1757 was gebouwd door de 78-jarige eigenaar Henri Jérôme Boucquéau. Napoleon koos de Caillou-hoeve als zijn laatste hoofdkwartier voor de beslissende slag. In het bijgebouw van de Caillou-hoeve bracht Napoleon de nacht door. De keizerlijke staf sliep in de boomgaard, beschermd door de Keizerlijke Garde. In de kamers van de hoeve werden de plannen voor de Slag bij Waterloo uitgetekend. Diezelfde dag, 18 juni 1815, leidde Napoleon zijn troepen naar de definitieve confrontatie met Wellington en Blücher — een confrontatie die hij zou verliezen en die zijn keizerrijk voor altijd zou beëindigen. Na de veldslag brandden de Pruisen de boerderij neer. In 1950 werd de Caillou-hoeve gekocht door de Belgische Genootschap voor Napoleonistische Studies. Op 14 juni 1951 werd de hoeve en de bijgebouwen als historisch monument geklasseerd. In 1972 werd het domein verkocht aan de Provincie Brabant, die er in 1974 het Caillou Museum opende. Dit museum toont Napoleons veldbed, een tafel met zijn landkaarten, wapens, prenten, schilderijen en zelfs het skelet van een Frans huzaar. Jaarlijks trekt het museum duizenden bezoekers uit heel Europa. De begraafplaats van Vieux-Genappe is een rustig dorpskerkhof, omringd door het stille Brabantse landschap dat zo dramatisch anderhalve eeuw eerder het toneel was van een keerpunt in de Europese geschiedenis. De inwoners van Vieux-Genappe rusten hier nabij de plek waar Napoleon zijn laatste nacht als ongeslagen veldheer doorbracht. Voor liefhebbers van de Napoleontische geschiedenis is Vieux-Genappe een onmisbaar bezoek.
Cimetière de Ways
Het Cimetière de Ways is de gemeentelijke begraafplaats van het dorp Ways, een deelgemeente van de fusiegemeente Genappe in de provincie Waals-Brabant. Het kerkhof is gelegen aan de Allée le Cavalier (postcode 1474), in de directe omgeving van de dorpskerk. Ways is een dorp met oude Brabantse wortels en een opvallende band met de Napoleontische slag van 1815. De naam Ways duikt voor het eerst op in historische bronnen in de 12e eeuw: in 1113 en 1150 wordt de naam Wais vermeld. Archieven van de Abdij van Gembloux en de Abdij van Villers vermelden respectievelijk Bernard de Wadeas in 1148 en Walter de Wais in 1177. De naam is afgeleid van het Latijnse vadum, wat een doorwaadbare plaats in een rivier betekent — een naam die verwijst naar de ligging van het dorp nabij een oversteekplaats van een waterloop. Archeologisch gezien is Ways interessant. Nabij het dorpscentrum zijn Gallo-Romeinse sporen geïdentificeerd. Bij opgravingen werden een bronzen lepel, gepolijste vuurstenen in de vorm van bijlbladen en een dolk gevonden (vondsten uit 1853). Bovendien zijn er sporen van een Gallo-Romeins grafveld ontdekt in de omgeving van het dorp, wat aantoont dat Ways al tijdens de Romeinse Oudheid een nederzetting met bijhorende begraafplaats kende. Een bijzonder erfgoed van Ways is de Tourelle-hoeve, vandaag bekend om zijn artisanale producten. Deze hoeve staat op de plek van een voormalige begijnenhof, gebouwd tussen 1205 en 1210. In 1670 werden de begijnenhuizen omgevormd tot een boerderij, en van 1842 tot 1855 deed het gebouw dienst als school. Dit geeft de Tourelle-hoeve een unieke historische gelaagdheid die zeldzaam is voor een Brabantse hoeve. Het kerkhof van Ways is historisch verbonden met de kerk van het dorp, die gewijd is aan een lokale heilige. In het voormalige kerkhof rondom de kerk — nu omgezet tot gazon — staat een monument ter nagedachtenis aan generaal Guillaume-Philibert Duhesme. Duhesme was commandant van de Jonge Garde van Napoleon en werd dodelijk verwond tijdens de Slag van Plancenoit op 18 juni 1815. Hij stierf diezelfde nacht in Genappe, in de herberg Au Roi d'Espagne. Zijn nagedachtenis is verbonden met de gemeente Genappe en het dorp Ways draagt op deze manier een stukje Napoleontische geschiedenis in zich. De gemeente Genappe, waartoe Ways behoort, was op 16 juni 1815 het toneel van de Slag bij Quatre-Bras. In deze voorslag op Waterloo vochten maarschalk Ney met zijn Franse troepen tegen het geallieerde leger van Wellington. Twee dagen later, op 18 juni, vond de definitieve Slag bij Waterloo plaats, slechts enkele kilometers verderop. Genappe en zijn deelgemeenten, waaronder Ways, zijn daarmee onderdeel van een van de meest historisch beladen regio's in Europa. Vandaag is de begraafplaats van Ways een rustig dorpskerkhof omringd door het groene Brabantse landschap. De begraafplaats is de eeuwige rustplaats voor inwoners van het dorp en hun familieleden, een stille plek die de geschiedenis van Ways van zijn vroeg-middeleeuwse begin tot het heden weerspiegelt.
Cimetiére Saint-Géry
Het Cimetière Saint-Géry is de begraafplaats behorend bij de Église Saint-Géry, gelegen in de deelgemeente Vieux-Genappe van de fusiegemeente Genappe, provincie Waals-Brabant. Het kerkhof is bereikbaar via de Rue Louis Taburiaux 4 (postcode 1472) en is verbonden met de historische parochie van Sint-Géry, een van de oudste kerkelijke gemeenschappen in de regio. De Église Saint-Géry is een classicistisch kerkje gebouwd in 1769, gefinancierd door de Abdij van Affligem. Op de boog van de orgelgalerij staat het jaartal 1779 gekerfd, wat de voltooiing van de interieurafwerking markeert. Het kerkje is gewijd aan Sint-Géry (ook Gaugericus van Cambrai), een heilige bisschop die leefde in de 6e en 7e eeuw en als patroon van de regio vereerd wordt. De geplaveide vloer van de kerk bestaat grotendeels uit hergebruikte grafstenen van vroegere parochianen, waarmee de kerk zelf als een soort historisch kerkhof fungeert. Historische registers tonen dat de begraafplaats van Saint-Géry al in de 18e eeuw actief was. Een van de vroegste geregistreerde grafstenen dateert van een parochiaan geboren in 1714 en gestorven in 1761. De begraafplaats heeft door de eeuwen heen pastoors, lokale bestuurders en gewone inwoners van Vieux-Genappe ontvangen. Op de Geneanet-database zijn historische grafstenen van het kerkhof gedocumenteerd. Vieux-Genappe, de deelgemeente waartoe dit kerkhof behoort, is wereldberoemd als de locatie van de Ferme du Caillou — het laatste hoofdkwartier van Napoleon Bonaparte voor de Slag bij Waterloo. Op de avond van 17 juni 1815 bracht Napoleon de nacht door op de Caillou-hoeve, slechts een paar honderd meter van de kerk en begraafplaats van Saint-Géry. De volgende dag, 18 juni 1815, leidde hij zijn troepen naar de definitieve slag die zijn keizerrijk ten val zou brengen. De Ferme du Caillou is vandaag een museum en een beschermd historisch monument. De parochie van Saint-Géry in Vieux-Genappe is een levendige gemeenschap. De Paroisse Saint-Géry Vieux-Genappe onderhoudt actief religieuze vieringen en de kerk wordt regelmatig gebruikt voor missen en andere religieuze ceremonies. De begraafplaats maakt integraal deel uit van het kerkelijk erfgoed en het sociale weefsel van Vieux-Genappe. Het dorp Vieux-Genappe bevindt zich in het hart van de Waterloo-regio, een van de meest historisch beladen landschappen van Europa. De gemeente Genappe, waartoe Vieux-Genappe behoort, telt 17 beschermde monumenten en herbergt het Mémorial de la Bataille de Waterloo 1815, een museum dat de herinnering aan de slag levendig houdt. Voor Genappe als geheel is de slag van 1815 een centrale identiteitsdrager: de commune maakt zelfs deel uit van de Intercommunale Bataille de Waterloo 1815. De begraafplaats Saint-Géry is een rustig, historisch kerkhof in het groene Brabantse landschap. Bezoekers die de Ferme du Caillou of de Waterloo-slagvelden bezoeken, kunnen ook het kerkje van Saint-Géry en zijn omliggende begraafplaats bezoeken als onderdeel van een historische wandeling door Vieux-Genappe. Het kerkhof is de eeuwige rustplaats van de gemeenschap van Vieux-Genappe en weerspiegelt de rijke, gelaagde geschiedenis van dit bijzondere dorp.
Eglise Chrétienne Evangélique de Genappe
De Eglise Chrétienne Evangélique de Genappe is een evangelische christelijke kerk gelegen aan de Rue de Charleroi 17 in Genappe (Waals-Brabant). Dit is geen begraafplaats maar een actief kerkgebouw. De kerk heeft een Google-beoordeling van 4,3 op 5 en is bereikbaar via +32 484 95 45 65 en de website eglisegenappe.be. De kerk beschikt over een toegankelijke parking en toiletten.
Stock américain Harry
Tombes de Guerre de Commonwealth
Cimetière de Glabais
Het Cimetière de Glabais is de gemeentelijke begraafplaats van het dorp Glabais in de gemeente Genappe, provincie Waals-Brabant. De begraafplaats is gelegen aan de Rue Reine Astrid te Glabais (postcode 1473) en valt onder het beheer van de gemeente Genappe. De officiële website van de gemeente is genappe.be. De begraafplaats beschikt over een rolstoelvriendelijke ingang en parkeerplaats, en is 24 uur per dag toegankelijk. Belangrijk voor de dossierregistratie: Glabais hoort bij de gemeente Genappe, niet bij Lasne. Beide gemeenten liggen in de provincie Waals-Brabant en in het arrondissement Nijvel, maar de postcode 1473 hoort administratief bij Genappe. Dit onderscheid is relevant voor begrafenisbeheer, navraag bij de gemeente en genealogisch onderzoek. Glabais is een klein Brabants dorp met ongeveer 747 inwoners. Het dorp maakt deel uit van de fusiegemeente Genappe, die in 1977 ontstond uit de samenvoeging van meerdere historische dorpen in het gebied ten zuiden van Brussel. Glabais heeft een lange geschiedenis: de Ferme Saint-Pierre (Hoeve Sint-Pieter) in het hart van het dorp dateert al van de zestiende eeuw en getuigt van de agrarische wortels van de streek. De hoeve is een voorbeeld van de typisch Brabantse gesloten hoeve-architectuur met witgekalkte muren en een binnenplaats. Een unieke troef van Glabais is de aanwezigheid van de Maison de l'Histoire et du Patrimoine, gevestigd in het voormalige gemeenteschoolgebouw van het dorp. Dit erfgoedmuseum herbergt een indrukwekkende collectie: archeologische en cartografische verzamelingen, een uitgebreide historische bibliotheek over Wallonië en Waals-Brabant, en maar liefst meer dan 7.000 familiemappen voor alle gemeenten van de provincie. Voor genealogen die voorouders uit de regio Genappe, Lasne, Nivelles of omgeving willen traceren, is de Maison de l'Histoire et du Patrimoine een onmisbaar referentiepunt. De begraafplaats van Glabais documenteert de begrafenisgeschiedenis van dit kleine maar historisch rijke dorp. Op genealogische platformen als Geneanet en BillionGraves zijn grafsteenopnames beschikbaar, onder andere van overledenen uit de negentiende en vroege twintigste eeuw. BillionGraves registreert namen als Florine Douchamp en andere inwoners van Glabais. De begraafplaats heeft een Google-beoordeling van 4/5 op basis van één beoordeling. Glabais ligt in het zachte heuvellandschap van het Brabantse plateau, een regio die bekendstaat om zijn groene akkers, pittoreske dorpjes en de nabijheid van historisch gevoelsbeladen plekken zoals het slagveld van Waterloo (op enkele kilometers afstand). De stille dorpsbegraafplaats aan de Rue Reine Astrid is een authentieke plek voor rust en herdenking in het hart van het Waals-Brabantse platteland. De ligging van Glabais in de nabijheid van het slagveld van Waterloo geeft het dorp een extra historische dimensie. Op slechts enkele kilometers rijden bevinden zich de voornaamste Waterloo-sites: de Butte du Lion, het Memorial Waterloo 1815, het dorp Plancenoit (toneel van de Pruisische flankaanval) en de Hougoumont-hoeve. Glabais zelf was geen directe strijdlocatie, maar lag in het operationele gebied van de Pruisische troepen die vanuit het oosten oprukten om Napoleon's rechterflank aan te vallen. De gemeente Genappe heeft een interessante toponymie met betrekking tot de Slag bij Waterloo. De Dyle, die door het grondgebied van Genappe stroomt, was een obstakel voor de terugtrekkende Franse troepen na de slag. Bij het nabijgelegen dorp Genappe zelf greep de rampzalige Franse terugtocht op 18 juni 1815 plaats: de wagen van Napoleon werd er in beslag genomen, evenals zijn persoonlijke bezittingen. De begraafplaats van Glabais is voor de lokale gemeenschap de voornaamste plek van rouw en herdenking. De Rue Reine Astrid waaraan de begraafplaats ligt, is vernoemd naar koningin Astrid van België, wier tragische dood in 1935 de hele Belgische natie in rouw dompelde. Veel straten in Belgische dorpen die in de jaren 1930 of 1940 werden hernoemd, dragen haar naam als eerbetoon. De gemeente Genappe beheert de site en biedt praktische informatie via genappe.be.
Begraafplaatsen per plaats
Begraafplaatsen kiezen in Genappe
De gemeente Genappe, een van de grotere landelijke gemeenten in de provincie Waals-Brabant, telt 12 begraafplaatsen verspreid over haar acht deelgemeenten: Baisy-Thy, Bousval, Genappe, Glabais, Houtain-le-Val, Loupoigne, Vieux-Genappe en Ways. Die spreiding over het grondgebied weerspiegelt de historische eigenheid van elk dorp, dat voor de gemeentefusie van 1 januari 1977 zijn eigen onafhankelijk bestuur, parochie en begraaftraditie kende.
Genappe is onlosmakelijk verbonden met de gedenkwaardige militaire geschiedenis van de regio. Tijdens de Honderd Dagen van Napoleon in 1815 was het dorp Genappe een cruciaal knooppunt voor de terugtrekkende Franse troepen na de Slag bij Waterloo. Nog vandaag herinneren meerdere monumenten en begraafplaatsen aan de slachtoffers van die periode. Het meest directe funeraire relict is de Tombes de Guerre de Commonwealth, een oorlogsbegraafplaats voor Britse en andere gemenebest-soldaten die sneuvelden tijdens de Tweede Wereldoorlog, beheerd door de Commonwealth War Graves Commission. Dit soort oorlogsbegraafplaatsen is een kenmerkend onderdeel van het Brabantse landschap in de buurt van de voormalige gevechtszones.
De overige elf begraafplaatsen zijn algemene begraafplaatsen verbonden aan de historische parochiekerken van elk dorp. De Cimetière de Genappe in het centrale dorp, de Cimetière de Bousval, de Cimetière de Ways, de Cimetière de Baisy-Thy, de Cimetière de Houtain-le-Val en de Cimetière de Loupoigne zijn alle actief in gebruik. De Cimetiére Saint-Géry in Genappe verwijst naar de heilige Gaugerico (Sint-Gaugericus), bisschop van Kamerijk en patroonheilige van talrijke Brabantse parochies, en illustreert de rooms-katholieke wortels van de streek. De Cimetière de Vieux-Genappe behoort tot de historische kern van het naburige dorp Oud-Genepiën.
Een opmerkelijke vermelding in de gemeente is de Stock américain Harry, een locatie die in de gemeentelijke registers staat als begraafplaats maar historisch verwijst naar een Amerikaanse militaire opslagplaats uit de bevrijdingsperiode 1944–1945. Dit soort hybride vermeldingen illustreert hoe de naoorlogse aanwezigheid van geallieerde troepen sporen heeft nagelaten in het lokale landschap en beheer.
Genappe ligt in het arrondissement Nijvel, hemelsbreed circa 25 kilometer ten zuiden van Brussel, en is bereikbaar via de N25 en de E411. De rijkdom aan funerair erfgoed — van middeleeuwse parochiekerkhoven tot geallieerde oorlogsgraven — maakt Genappe tot een bijzonder hoofdstuk in de begraafplaatsengeschiedenis van Waals-Brabant. De gemeente telt circa 17.000 inwoners en groeit gestaag door haar aantrekkelijke ligging ten zuiden van Brussel, met goede verbindingen via de trein en de autosnelweg. Genappe is tevens bekend om haar industrieel verleden in de ijzer- en textielsector, waarvan de sporen nog zichtbaar zijn in het stedelijk weefsel van het centrale dorp. Bronnen: Wikipedia EN Genappe; Wikipedia NL Genepiën; Commonwealth War Graves Commission.
Gerelateerde pagina's
Advertentie
Advertentie
Gemeenten in de buurt
Over Waals-Brabant
Genappe ligt in de provincie Waals-Brabant. Bekijk alle begraafplaatsen in deze regio voor meer opties.
Bekijk Waals-Brabant